Deze woorden schreef Beeldhouwer Berend Peter naar aanleiding van http://welkepopisdat.nl/herkennen.html
Op zijn site toonde hij het gevonden Poppekopje, en ook een rompje, dat zijn vrouw voor haar dood zelf gevonden had, in de buurt van een Porselein-fabriek, en bewaarde om te gebruiken in haar kunstwerken (wat ze uiteindelijk niet deed omdat het te mooi was om te verwerken.)
De beelden in BP's tekst deden me denken aan de route de mijn zusje en ik als 8- en 6jarige liepen, over het Groninger platteland, op weg naar het zwembad. Het pas liep over een kunstmatige heuvel, een voormalige vuilnisbelt. Ik zie de beelden van poppenarmpjes en lege poppen-schoudergewrichten nog voor me. Oprapen durfden we niet, ons was verteld dat de belt heel vies was.
Graag wil ik verwijzen naar Berend Peter's mooie, ontroerende stuk over poppenresten die zo nu en dan ons pad kruisen:
http://berendpeter.blogspot.com/2012/02/poppen.html
Groet,
Jolie